Ontdek elke dag een artikel over een inspirerende bestemming: duurzaam, ecologisch en respectvol
De regio Vaud in het westen van Zwitserland bewijst dat je geen auto nodig hebt voor een onvergetelijke vakantie. De trein en bus brengen je overal – stipt (het cliché is waar), comfortabel en milieuvriendelijk. In een vierdaagse route ontdekte ik hoe duurzaam reizen hand in hand gaat met natuurpracht, culinaire verrassingen en authentieke ontmoetingen.
We vertrekken vanuit Brussel-Zuid en sporen vlot richting Genève. Rond het middaguur komen we aan in de regio Vaud, in Nyon, een intiem stadje aan het Meer van Genève.
Onze eerste kennismaking met Vaud is een schot in de roos: we wandelen een deel van de Sentier des Toblerones, een wandelroute die zijn naam ontleent aan de antitankversperringen uit de Tweede Wereldoorlog, die als een betonnen ruggengraat door het landschap lopen. De vorm van deze betonnen blokken doet denken aan het bekende chocolademerk, vandaar de naam.
Het pad voert ons langs het elegante Château de Prangins, door villawijken met allure, en zelfs dwars door de lokale golfclub.
In de late namiddag struinen we nog even door Nyon. In het Musée du Léman kan je alles ontdekken over het meer en de visserijtraditie van de regio. Het imposante Château de Nyon, dat boven de stad uittorent, biedt niet alleen een prachtig uitzicht maar ook een collectie die het verleden van de stad schetst. Voor liefhebbers van de oudheid is het Musée Romain een aanrader, met Romeinse artefacten en overblijfselen die de geschiedenis van de stad tot leven brengen. In de zomer bruist Nyon tijdens het Paléo Festival, een van de grootste openluchtmuziekfestivals van Europa, met een indrukwekkende line-up en unieke sfeer.
’s Avonds dineren we in stijl bij Brasserie du Rive, met een fabuleus zicht op het meer. De wijn vloeit rijkelijk, het uitzicht is pure poëzie.
De volgende dag volgt de tweede etappe van de Sentier des Toblerones. Dit keer wandelen we in omgekeerde richting: vanuit Nyon nemen we de trein naar het Juragebergte, waar de officiële wandeling eindigt, maar wij keren dus terug richting Nyon – iets vriendelijker voor de benen. Het landschap is verrassend gevarieerd: we doorkruisen wijngaarden, bossen en weilanden, steeds begeleid door het geloei van koeien en het geruis van een kabbelend riviertje. Tussen de koeien duiken opnieuw de typische betonnen versperringen op, stille getuigen van een tijd waarin ook deze serene streek op zijn hoede moest zijn.
Voor de lunch zakken we af naar Auberge de la Poste in Gingins, waar Bernard Moretto je ontvangt met Belgische klassiekers. De mosselen komen uit Zeeland, de frieten worden tweemaal gebakken en de bieren zijn puur Belgisch. Zwitserland ontmoet België, en het klikt. Het restaurant is volledig in Kuifje-thema. Tekeningen, posters en beelden van Hergé’s beroemde figuur sieren het interieur en geven het geheel een speels, nostalgisch karakter. De keuze voor Kuifje is geen toeval, want hij heeft een bijzondere band met Nyon. In De Zaak Zonnebloem zoekt Kuifje professor Zonnebloem in de omgeving van deze stad. Overal in Nyon vind je subtiele verwijzingen naar de stripheld.
Terug in de stad worden we hartelijk ontvangen door de vrijwilligers van de Amicale des sapeurs-pompiers de Nyon. De brandweer koestert met trots de Willys Jeep uit 1953, die voorkomt in een stripalbum van Hergé dat zich hier afspeelt. Een prachtig ontwerp uit een tijd waarin vormgeving nog écht een erezaak was. Daarnaast zijn er ook andere historische brandweerwagens te bewonderen, zoals een Magirus Deutz uit 1962 en een ladderwagen van maar liefst 27 meter uit 1928, die duidelijk met liefde zijn bewaard gebleven. Verder is er een klein museum dat je op aanvraag kunt bezoeken. Naast brandweergerelateerde objecten is er ook een collectie rond Kuifje, met onder meer elementen uit het album De Zaak Zonnebloem. Breng zeker een bezoek: de vrijwilligers schenken een lokaal wijntje in en vertellen vol trots over hun regio.
‘s Avonds schuiven we aan bij Chez Mon Oncle, een gezellig restaurant waar de bourgondische Zwitserse keuken centraal staat. Uiteraard ontbreekt een klassieke kaasfondue niet op het menu. Ook de lokale specialiteit, de Malakoff, een krokante bal van gefrituurde kaas, smaakt voortreffelijk. De naam verwijst naar de Slag bij Malakoff, het gerecht werd volgens de overlevering bedacht door Zwitserse huurlingen tijdens het beleg van Sebastopol.
Op dag drie reizen we, uiteraard duurzaam per trein, naar Bex, aan de voet van de Alpes Vaudoises. De rit voert ons langs het Meer van Genève en biedt adembenemende uitzichten op het meer en de Franse Alpen aan de overkant. Het moge duidelijk zijn: in Zwitserland is de treinreis evenzeer deel van de beleving.
Na een uurtje in de trein stappen we uit in Bex, een charmant stadje dat vooral bekendstaat om zijn zoutmijnen. Sinds 1684 wordt hier zout gewonnen, en bezoekers kunnen de ondergrondse mijnen verkennen en alles leren over de rijke geschiedenis van zoutwinning in Zwitserland.
Gids Vincent Bardy neemt ons mee voor een hike. Die begint echter niet in Bex zelf, maar iets hoger in de bergen. Dat is natuurlijk geen probleem in Zwitserland. Een treintje brengt ons, met een behoorlijk steile klim, naar Fontannaz-Seulaz, waar onze wandeling start. We volgen de Gorges de l’Avancon, die zich slingeren tussen rotswanden gevormd door het water van de rivier en weelderige bossen. De wandeling is vrij eenvoudig en duurt ongeveer twee uur, ideaal op warme zomerdagen om verkoeling en rust te zoeken. De kracht van het water is indrukwekkend, met talloze watervalletjes onderweg.
Onze wandeling brengt ons bij Riversong, een welzijnscentrum in Les Plans-sur-Bex. We worden er hartelijk verwelkomd door Bernard Pulfer, de eigenaar, die ons zelfgemaakte siroop en water uit de eigen bron aanbiedt. Prachtige, majestueuze bergen omringen de plek. De naam Riversong is geïnspireerd op het zachte gezang van de nabijgelegen rivier. Het is een ideale plek om even te ontsnappen aan de drukte van alledag en opnieuw contact te maken met de essentie van het leven en de natuur. Je kan verblijven in een van de twee recent gerenoveerde, honderd jaar oude houten huizen. Daarnaast biedt Riversong een uniek buitenbad in een authentiek larikshouten vat met een spectaculair uitzicht op de bergen. Hier kan je baden in hoog therapeutisch zoutwater dat op natuurlijke wijze verwarmd wordt door een houtvuur of door zonne-energie.
Bernard vertelt vol passie over zijn domein, de bloemenweide en de bron. Het is een waar paradijs. Na een drankje neemt hij ons mee om het blotevoetenpad te ontdekken. Bernard moedigt ons aan om al onze zintuigen te openen. “Hier op deze hoogte is maximale diversiteit aan flora,” zegt hij, “let bij elke stap goed op en voel de verbinding met de aarde.” Ik ben oprecht verrast door het blotevoetenpad. Bernard omschrijft het als een soort ‘sacraal’ gevoel, een diepe connectie met de natuur. En daar kan ik me helemaal in vinden. Na een tijdje bereiken we de bron: wellicht het meest heldere water dat ik ooit heb gezien. Daarna volgt het badritueel: een warm bad van 39 graden en een koud bad van 6 graden wisselen elkaar af. Heel gezond én bijzonder ontspannend. Ik had er uren kunnen blijven.
Ten slotte krijgen we een heerlijke, versgemaakte soep geserveerd, die voortreffelijk smaakt. Bernard biedt ons ook nog een biertje aan. Met een glimlach zegt hij: “In de winter zien we hier zo’n 3 maanden lang geen zon. Dan ga je óf met de koeien de zon opzoeken, óf je gaat aan de drank.”
We wandelen verder tot we aankomen bij La Thomasia, een botanische tuin op 1.260 meter hoogte, volledig gewijd aan de kennis en bescherming van bergplanten. Flora uit berggebieden van over de hele wereld bloeien hier in volle glorie, onder het oog van grazende koeien. Een must-see voor liefhebbers van planten, in een werkelijk prachtig decor.
We trekken verder naar Miroir d’Argentine, een berghotelletje in het hart van de Alpage de Solalex op een hoogte van 1460 meter. Het wordt onze slaapplaats voor de avond. Het uitzicht vanuit mijn kamer is ronduit fabuleus. Over het plateau hangt een bijna magische rust. De natuur is indrukwekkend: het panorama adembenemend, de sfeer sereen, en overal rondom zien we dieren in alle vrijheid.
We dineren in de Refuge du Solalex, een traditionele Zwitserse berghut. In de winter is deze hut enkel bereikbaar te voet of op toerski’s. Ik kan het me al voorstellen: gezellig binnen, terwijl buiten de sneeuw metershoog ligt. In lente en zomer is de hut gelukkig bereikbaar met openbaar vervoer.
De volgende ochtend word ik rond vijf uur gewekt door het gerinkel van koeienbellen. Een beetje vroeg, maar een heerlijk gevoel, je voelt hier dat je echt in het midden van de natuur zit.
Met spijt in het hart nemen we na een nacht al afscheid van de Solalex. Vandaag bezoeken we het nabijgelegen dorpje Gryon, dat verbonden is met het skigebied van Les Diablerets. Gryon is een van de best bewaarde dorpen van de regio. We maken een tocht met een elektrische mountainbike: niet te lang, niet te moeilijk, en met prachtige vergezichten op de Alpes Vaudoises. Fietsen huren kan op verschillende plekken in het dorp.
Als afsluiter brengen we nog een bezoek aan Brasserie et Restaurant La Mine in Bex, een lokale brouwerij. Aan de toog proeven we een biertje, waarna oprichter Eric Nussbaum ons een korte rondleiding geeft en uitlegt hoe het brouwproces verloopt. Ik vraag hem wat zijn favoriete bier is, zijn pronkstuk. Hij antwoordt: “Dat kan ik écht niet zeggen. Het is alsof je tussen je kinderen moet kiezen en dat doe je niet.” Rondleidingen zijn beschikbaar op vrijdag en zaterdag.
Tijdens onze reis maakten we gebruik van de Swiss Travel Pass, een uiterst handige en flexibele pas waarmee internationale reizigers met één ticket onbeperkt gebruik kunnen maken van het openbaar vervoer in Zwitserland. Met de Swiss Travel Pass reis je moeiteloos per trein, bus en boot door het hele land. Bovendien krijg je met de pas gratis toegang of aantrekkelijke kortingen op diverse bergexcursies en musea. Een pas voor drie dagen kost 244 Zwitserse frank. Kinderen onder de zes jaar reizen gratis.
De Swiss Travel Pass biedt niet alleen praktische mobiliteit, maar is ook een kostenefficiënte, duurzame én comfortabele manier om Zwitserland te ontdekken.