Ontdek elke dag een artikel over een inspirerende bestemming: duurzaam, ecologisch en respectvol
Historische vissersverhalen en indrukwekkende schepen, interessante musea en culinaire gerechten, elke stad langs de Belgische kust heeft een verhaal te vertellen. Stap aan boord voor kunst, geschiedenis en gastronomie. Zo beleef je de kust op een nieuwe manier.
Zodra je het NAVIGO Visserijmuseum in Oostduinkerke binnenstapt, word je meegevoerd door de fascinerende geschiedenis van de visserij.
In de eerste zaal hangt het indrukwekkende skelet van potvis Valentijn. Daar worden we onthaald door onze gids Jean Decoene. “Valentin spoelde aan in 1989 op het strand van Oostduinkerke,” vertelt hij. “De gemeente heeft hem eerst begraven, maar jaren later besloten ze hem opnieuw op te graven. Wetenschappers onderzochten het kadaver grondig. Daarna hebben ze het skelet schoongemaakt en in stukken verdeeld om het hier in deze zaal opnieuw in elkaar te kunnen zetten en tentoon te stellen.” Terwijl Jean vertelt, tonen videobeelden hoe dat proces destijds verliep.
In de volgende zaal zien we een oude vissersboot die de hele ruimte vult. Jean vertelt over de kledij van de vissers en over de eerste reddingsvesten, die er nog lelijker uitzien dan de reddingsvesten van nu. Onder de boot staat een aquarium. Daar laat de gids zien welke vissen allemaal in de Noordzee leven. “Veel van deze vissen werden ons geschonken,” legt hij uit. “Soms vragen we aan vissers om bepaalde soorten mee te brengen als ze die toevallig zouden vangen. Wanneer die vis dan als bijvangst in hun netten terecht komt, brengen ze die voor ons mee.” Zo groeit de collectie stukje bij beetje.
Daarna neemt Jean ons mee naar een zaal vol aangespoeld strandafval. Tussen de voorwerpen ligt een Adidas-schoen. “Deze schoen komt van een containerschip dat onderweg was naar China,” legt Jean uit. “Hij is overboord gevallen en heeft lange tijd op de zeebodem gelegen. Daardoor zit de schoen nu volledig bedekt met mosselen. Elk voorwerp hier heeft zo zijn eigen verhaal. Een jongen uit de streek verzamelde dat strandafval,” vertelt Jean. “Een deel van zijn collectie staat hier tentoongesteld. Zijn moeder was trouwens erg blij dat die voorwerpen hier terecht konden en zo minder plaats innamen bij hen thuis.”
Langs een speeltuin vol spelende kinderen en een lange gang met prachtige schilderijen wandelen we verder naar buiten. Daar komen we bij een oud vissershuisje dat Jean omschrijft als pure nostalgie. Binnen lijkt de tijd stil te hebben gestaan. Het interieur is nog precies zoals honderd jaar geleden en voelt als een kleine sprong terug in de tijd. Uit verborgen luidsprekers klinken geluidsfragmenten in het authentiek West-Vlaams dialect.
Na het vissershuisje keren we opnieuw terug naar het heden en stappen we naar de laatste zaal. Aan de muren hangen indrukwekkende zwart-witfoto’s van fotograaf Stephan Vanfleteren. De reeks heet Pèèrdvissers en toont beelden van de echte garnaalvissers.
Tijd om vis te proeven. De perfecte plek daarvoor is Estaminet De Peerdevisscher, naast het Visserijmuseum. Hun twee soorten (modern/traditioneel) garnaalkrokketten zijn een absolute aanrader. Het traditionele interieur en de huisgemaakte visgerechten maken de maaltijd een hele belevenis.
Dan stappen we de Vismijn van Nieuwpoort in om te ontdekken waar al die vis die de vissers vangen naartoe gaat.
We worden opgewacht door gids Geert in de zaal waar elke ochtend om zes uur de veiling per computer plaatsvindt. “Vroeger ging het er heel anders aan toe,” vertelt hij. “De veilingmeester opende met een beginprijs en daalde af totdat een koper ‘mijn’ riep. Tegenwoordig gebeurt alles via computers, maar het principe blijft hetzelfde.”
Daarna vertelt Geert welke vis in welke periode van het jaar wordt gevangen en dat de beste garnalen rinkelen wanneer je er mee schudt. Hij toont ons de gloednieuwe garnalenpelmachine en legt uit hoe de garnalen gepeld en daarna geteld worden. Hij vertelt over de regels waar de vissersboten zich aan moeten houden en over de kopers die hier vis komen halen.
Aan de muren hangen oude foto’s van vissers aan het werk. Met een VR-bril kunnen we even meemaken hoe het is om op een vissersboot midden op zee te staan.
Een steenworp van de vismijn in Nieuwpoort ligt het indrukwekkende Westfront-monument. Het museum zelf ligt onderaan en is gewijd aan de Eerste Wereldoorlog.
Met een audiogids in de hand worden we langs verschillende schilderijen en voorwerpen uit de Eerste Wereldoorlog geleid. De stemmen in de audiogids klinken niet als een gewone uitleg, maar alsof iemand uit die tijd zelf zijn verhaal vertelt. We kunnen kiezen wie ons door het museum begeleidt: Juul, de nieuwsgierige journalist, Ellie, de zorgzame verpleegster, of Rosa, een twaalfjarig meisje. Voor kinderen tussen zeven en elf jaar is er ook Toeba de hond, die hen op een speelse manier door het museum gidst. De verhalen worden verteld door bekende Vlamingen, zoals Maaike Cafmeyer en Sebastien Dewaele. Zij leiden ons, met een licht West-Vlaams accent, rond in het museum.
Er is een trap die naar de top van het monument leidt. Boven worden we begroet met het adembenemende uitzicht van Nieuwpoort. Wanneer we terug naar beneden gaan, komen we in het midden van een zaal met een groot panoramascherm. Je ziet hoe het uitzicht eruitzag tijdens de oorlog. Wanneer je ziet hoe sterk de omgeving veranderd werd door de oorlog komt de realiteit ervan pas echt binnen.
In Oostende stappen we aan boord van het museumschip Amandine, een van de laatste getuigen van de Belgische visvaart naar IJsland. In 1958 breidde IJsland zijn nationale wateren uit en stond slechts drie andere landen toe om nog in hun wateren te varen. België was er een van. De Amandine was het laatste schip dat nog toestemming kreeg om naar IJsland te varen. In 1995 werd het uit dienst genomen en later omgebouwd tot een museumschip.
Samen met gids Dirk duiken we in de geschiedenis van de IJslandse visvangst. Hij vertelt over de schepen van vroeger en over hoe zwaar het leven van de vissers op zee was. Dat leven ging vaak gepaard met heel wat bijgeloof. “Op zee werd bijna niemand bij zijn echte naam genoemd,” vertelt Dirk. “Iedereen kreeg een bijnaam, uit angst dat een boze geest hen zou komen halen. Als die geest dan naar iemand vroeg, kon niemand antwoorden omdat iedereen een andere naam gebruikte.”
In de Amandine zien we de ijskamers waar de vis bewaard werd, en daarbij soms ook een stukje steak voor de laatste dag op zee. De gids leidt ons verder naar de slaapcabines met levensechte poppen. We komen in de kleine keuken, met een tafel die speciaal gemaakt is zodat borden en potten niet van tafel schuiven wanneer de boot heen en weer beweegt. Tot slot komen we op het dek, waar we het verblijf van de kapitein zien en zelf aan het roer mogen draaien. Het geeft een tastbaar gevoel van hoe het was om op zee te leven en te werken.
In het hart van Oostende ligt Bar Foubert. Dat gezellige restaurant serveert heerlijk verse gerechten waar elke fijnproever van kan genieten. In de open keuken zie je de Moltenispit die langzaam de dagverse vis gaart. Chef Stephen bereidt de gerechten met zorg en gastvrouw Anneleen zorgt voor een warm onthaal. Samen maken ze elk bezoek aan Bar Foubert een hoogwaardige culinaire ervaring.
HEY is hét museum als het over Knokke-Heist gaat. Onze rondleiding begint al voor we het gebouw binnenstappen. Op de buitenmuur zien we een prachtig graffitiwerk van Brecht Evens, waarop de feestelijke sfeer van het Knokke-Heist Carnaval tot leven komt. In de vitrine buiten het museum staan twee grote reuzen. “Dat zijn Pier en Wanne,” vertelt gids Sabine trots. “Het zijn echte vissersreuzen.”
Het museum is gewijd aan alles wat met Knokke-Heist te maken heeft. Stap voor stap maken we kennis met de geschiedenis van de gemeente. Zo komen we bijvoorbeeld te weten dat de iconische babelutten hier zijn uitgevonden. In het oude schoolgebouw komen we terecht in een nagebouwd klaslokaal, typisch voor de vroegere vissersscholen. “Hier zaten vooral kinderen van vissersfamilies,” legt Sabine uit. “Ze leerden er navigeren met behulp van de sterren en wat de verschillende vlaggen op een boot betekenen.”
Dan komen we in een nagebouwd casino. Daar vertelt de gids ons alles over de lange geschiedenis van het Napoleon Casino Knokke. “Tijdens de oorlog werd het zelfs gebruikt om vijanden af te schrikken”, vertelt ze. “ Het gebouw werd helemaal omgetoverd tot angstaanwekkend wapen. Het was natuurlijk niet echt een wapen, maar gewoon strategisch versierd met decoratie.”
Verder in het museum staat een grote kapel, de zogenaamde ‘Dome’. Hier kun je verschillende uitzichten van Knokke-Heist zien zoals het panorama van de gemeente, maar ook het uitzicht vanaf een vissersboot op zee. Naast de kapel hangt het beroemde zeemeerminbeeld, dat in 2025 werd uitgeroepen tot museumstuk van het jaar. “Vroeger werd het gebruikt als windwijzer. De schipper die het gebruikte heeft het zelf gemaakt uit hout.”
Vlak aan het strand van Knokke-Heist ligt de visserskapel. Deze kapel is gewijd aan alle vissers die op zee zijn gestorven. Het interieur van de kapel is eenvoudig maar mooi, met een Mariabeeld dat centraal staat. Er hangen boeien met tekst en kaartjes. Families laten er hartverscheurende rouwboodschappen achter en gedichten over hun gemis. Je kan er een kaarsje branden om de vissers te herdenken of gewoon eventjes stilstaan op deze ontroerende plek.
De kuststeden zijn verbonden door de kusttram. En niet zomaar een tram, het is de langste ter wereld. Er is maar één lijn, waardoor oriëntatie zeer eenvoudig wordt: er zijn geen grote metrokaarten of overstappen nodig om je weg te vinden.. Dat maakt de tram tot de perfecte manier om rond te reizen langs de kust.